Kapvergunning (omgevingsvergunning kap)

kap, vergunning, kapvergunning, omgevingsvergunning, kappen

Bomen bepalen voor een groot deel de sfeer en de schoonheid van een stad, dorp of landschap. Als een boom gekapt wordt, duurt het lang voordat een nieuwe boom zijn functie en status over kan nemen. Daarom worden bomen beschermd.

Om bomen te beschermen heeft de gemeente Dalfsen het bomenbeleid opgesteld. Eén van de onderdelen van het bomenbeleid is de regelgeving rondom het kappen van bomen. Hier kunt u lezen wanneer en door wie er een omgevingsvergunning voor de activiteit kappen aangevraagd moet worden.

De kapvergunning is opgegaan in de omgevingsvergunning.

Gemeentelijke bomen

Wanneer u overlast ondervindt van een gemeentelijke boom dan kunt u hierover contact opnemen met de wijkbeheerder. Deze zal samen met u bekijken in hoeverre uw problemen opgelost kunnen worden. Als de wijkbeheerder van mening is dat de boom gekapt kan worden dan zal hij, indien nodig, een aanvraag indienen. Het kappen gebeurt door de gemeente. Zij is namelijk verantwoordelijk voor eventuele schade die zou kunnen ontstaan tijdens het kappen.

In bepaalde gevallen worden de kosten die het kappen van de boom met zich meebrengt doorberekend.

De gemeente heeft een vergunning nodig voor alle bomen waarvan de dwarsdoorsnede van de stam meer is dan 30 centimeter.

De wijkbeheerder is te bereiken via:

De vergunningplicht voor gemeentelijke bomen geldt niet voor:

  • Coniferen, dennen, ceders, larixen, niet geknotte wilgen, niet geknotte populieren, lijsterbessen, sierkersen, sierappels, sierperen;
  • Berken, elzen en meidoorns binnen de bebouwde kom;
  • Berken, elzen en meidoorns buiten de bebouwde kom voor zover ze deel uitmaken van een rijbeplanting van minder dan zes bomen of singelbeplanting van maximaal 2,5 meter breed en 5 meter lang;
  • Vruchtbomen en windschermen om boomgaarden;
  • Fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, die als kerstboom worden geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;
  • Kweekgoed;
  • Houtopstanden die bij wijze van dunning geveld moeten worden.

Niet-gemeentelijke bomen

Voor niet-gemeentelijke bomen is er onderscheid in de regelgeving tussen bomen die binnen of buiten de bebouwde kom staan.

Buiten de bebouwde kom

U heeft een vergunning nodig voor alle bomen waarvan de dwarsdoorsnede van de stam meer is dan 30 centimeter. Dit moet u meten op 1,30 meter hoogte boven het maaiveld.

U heeft geen vergunning nodig voor:

  • Coniferen, dennen, ceders, larixen, niet geknotte wilgen, niet geknotte populieren, lijsterbessen, sierkersen, sierappels en sierperen;
  • Berken, elzen en meidoorns voor zover ze deel uitmaken van een rijbeplanting van minder dan zes bomen of singelbeplanting van maximaal 2,5 meter breed en 5 meter lang;
  • Vruchtbomen en windschermen om boomgaarden;
  • Fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, die als kerstboom worden geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;
  • Kweekgoed;
  • Houtopstanden die bij wijze van dunning geveld moeten worden.

Zonnepanelen en bomen

  • Naam en adres van de aanvrager;
  • Reden aanvraag;
  • Soort en aantal boom/bomen;
  • Doorsnede boom/bomen;
  • Standplaats van de boom;
  • Voornemen tot herplant;
  • Situatieschets;
  • Handtekening aanvrager en eigenaar;
  • College van burgemeester en wethouders

Aanvragen omgevingsvergunning:

DigiD informatie

Entente Florale Europe

Duurzaam Dalfsen