Kijk alvast naar je cv-ketel, zodat je weet wat de opties zijn

April en mei 2026 braken weer warmte- en droogterecords. Zomers gezellig. Maar ook de gevolgen van klimaatverandering. “Het wordt extremer,” stelt Anthony Voets, projectleider warmtetransitie bij de gemeente Dalfsen. “We moeten van het gas af. We kijken in Dalfsen daarom naar mini-warmtenetten. Samen met je buren energie opwekken. Dan is de warmtetransitie ook een sociaal vraagstuk!” Dat klinkt vreemd uit de mond van iemand die dagelijks met verwarmingssystemen bezig is. 

De cv-ketel die op het verkeerde moment kapot gaat

Iedereen kent het. Jarenlang hangt die cv-ketel ergens op zolder. Je kijkt er niet naar om. Totdat hij ermee stopt. En dat gebeurt volgens Voets steevast op de koudste dag van het jaar. „Dan moet je ineens beslissen wat je gaat doen.” Dat is precies wat hij probeert te voorkomen. Zijn advies: kijk eens naar het bouwjaar van je ketel. Op vrijwel iedere ketel zit een sticker. Tel daar vijftien tot twintig jaar bij op en je weet ongeveer wanneer vervanging eraan komt. Dan kun je rustig nadenken over alternatieven. Want wachten tot de monteur voor de deur staat, betekent meestal dat je opnieuw kiest voor wat je al had. 

Waarom we van het gas af moeten

De aanleiding is bekend. Aardgas is een fossiele brandstof. Bij verbranding komt CO₂ vrij. Die CO₂ zorgt ervoor dat warmte moeilijker van de aarde weg kan. „We hebben een warme deken om de aarde gelegd”, zegt Voets. De gevolgen worden steeds zichtbaarder. Hittegolven. Droogte. Extreme regenbuien.

Dat merken ook inwoners van Salland en het Vechtdal. De vraag is daarom niet meer óf Nederland minder aardgas gaat gebruiken, maar hoe. 

Warmtepompen zijn helemaal niet nieuw

Veel mensen vinden warmtepompen spannend. Ze zijn duur. Ze maken geluid. Ze zijn onbekend. Maar volgens Voets valt dat laatste nogal mee. „Eigenlijk is een warmtepomp gewoon een omgekeerde koelkast.” Een koelkast haalt warmte uit een kast en voert die af. Een warmtepomp doet precies het tegenovergestelde: hij haalt warmte uit de buitenlucht of uit de bodem en brengt die juist naar binnen. Sterker nog: veel mensen hebben al een warmtepomp in huis zonder dat ze het beseffen. Een moderne airco is namelijk óók een warmtepomp. „Ik ben wel eens bij mensen geweest die zeiden: ik wil geen warmtepomp. En dan hing er boven hun bed al een airco.” 

Eerst isoleren, dan pas techniek

Toch waarschuwt Voets voor een veelgemaakte fout. Mensen denken vaak direct aan apparaten. Aan warmtepompen. Aan zonnepanelen. Aan technische oplossingen. Maar de eerste stap is meestal veel eenvoudiger. Isoleren. Een goed geïsoleerde woning heeft minder energie nodig. Dat geldt in de winter, maar net zo goed tijdens hete zomers.

Ook voor koeling kijkt Voets liever eerst naar eenvoudige maatregelen. „Een zonnescherm of goede buitenzonwering houdt de warmte vaak beter buiten dan een airco.” Een airco werkt prima. Maar gebruikt ook elektriciteit. Zonwering niet. 

Waarom koeling steeds belangrijker wordt

In de meeste huizen gaat het gesprek overigens steeds vaker over koelen dan over verwarmen. Dat is logisch. Nederland krijgt meer hete dagen. Meer tropische nachten. Vooral slaapkamers worden dan een probleem. Voets merkt dat bewoners steeds vaker vragen stellen over comfort tijdens warme periodes.  

En juist daar kunnen warmtepompen iets extra's bieden. De meeste systemen kunnen namelijk niet alleen verwarmen, maar ook koelen. Bodemwarmtepompen zijn daarbij bijzonder interessant. Die halen warmte uit water diep in de grond. Dat water is ongeveer tien graden. Door dat koele water door vloerverwarming te laten stromen, kan een woning bijna gratis gekoeld worden. „Je hoeft eigenlijk alleen een pompje te laten draaien.” 

Van individuele warmtepomp, naar gezamenlijke oplossing

In Polhaar, wijk van de kern Dalfsen, ontstond de vraag of meerdere woningen niet samen gebruik konden maken van één bron. Een inwoner in die wijk had daarover kennis van zaken. Waarom zou iedere woning zijn eigen installatie hebben? Waarom niet samen? Dat idee, een mini-warmtenet, wordt nu tegen het licht gehouden. Een klein collectief systeem voor een beperkt aantal woningen. 

Technisch is het verhaal verrassend eenvoudig. Een warmtepomp kan één woning bedienen. Maar ook tien. Of twintig. Of veertig. „Technisch verandert er eigenlijk niet zoveel.” Het echte vraagstuk zit ergens anders. Wie betaalt? Wie beheert? Wie beslist? Wat gebeurt er als iemand verhuist? En wat als de ene buurman wil investeren en de andere niet?

Daarom noemt Voets de warmtetransitie vooral een sociale opgave. „Heb je een relatie met je buren? Wil je dit samen doen? Dat zijn eigenlijk de belangrijkste vragen.” 

Samenwerken voor een sterkere buurt

Dat sociale aspect spreekt hem aan. Want waar energieprojecten vroeger vooral draaiden om techniek, gaan ze nu steeds vaker over gemeenschap. Samen plannen maken. Samen investeren. Samen beslissen. Dat levert volgens Voets soms meer op dan alleen duurzame warmte. Het kan ook buurten sterker maken. Het brengt buren met elkaar in contact. Omdat ze samen iets willen bereiken. 

Uiteindelijk komt altijd dezelfde vraag op tafel. Wat kost het? In Polhaar zijn verschillende berekeningen gemaakt. Een van de onderzochte systemen bleek uiteindelijk ongeveer vier euro per maand duurder dan een individuele warmtepomp. Iets duurder. Maar je hebt dan niet zelf een iets in huis staan en het onderhoud is ook uitbesteed. 

Vollopend elektriciteitsnet

Nog een reden waarom Dalfsen naar collectieve systemen kijkt: het stroomnet. Nederland loopt tegen de grenzen van het elektriciteitsnet aan. Steeds meer zonnepanelen. Steeds meer elektrische auto's. Steeds meer warmtepompen. Daardoor gebruiken we minder fossiele energie, maar meer elektrisch. Dat vraagt enorme investeringen. Mini-warmtenetten kunnen helpen die druk te verminderen. Niet alleen voor bestaande buurten. Maar ook voor nieuwbouw. Daarom kijkt Dalfsen inmiddels op meerdere plekken naar deze mogelijkheid. Ook buiten Polhaar lopen verkenningen. 

Voets benadrukt dat de gemeente niet koste wat kost warmtenetten wil aanleggen. Dat is niet het doel. Het doel is bewoners helpen bij goede keuzes. Soms is dat een individuele warmtepomp. Altijd wel eerst isolatie. „Wij willen vooral dat mensen kunnen kiezen.” 

Een oproep!

Voets doet daarom een oproep aan Dalfsenaren: wie ideeën heeft, wie met de buurt iets wil onderzoeken, wie kansen ziet: die mag zich melden! Want uiteindelijk worden woningen niet verduurzaamd door gemeenten. Maar door bewoners zelf.  

Misschien begint zo'n energietransitie wel gewoon met een gesprek over de schutting. Een gesprek dat uiteindelijk niet alleen warmte oplevert, maar ook een sterkere buurt.